De bouwmaterialen in Duitsland worden op basis van normtesten op hun fundamentele brandbaarheid getest en geclassificeerd.
Grofweg wordt hier onderscheid gemaakt tussen brandbare (B-bouwmateriaal) en onbrandbare (A-bouwmateriaal) bouwmaterialen. Daarbij is de classificering een criterium voor de beoordeling in de fase van het ontstaan van de brand (directe bevlamming van het onbeschermde bouwmateriaal.
Door het hoge organische aandeel van Isofloc, is het een brandbaar bouwproduct (bouwproduct klasse B2, normaal brandbaar volgens DIN 4102-1). Net zoals massief hout en de meeste bouwplaten op basis van hout en zachtboard. Daaraan zullen ook de toekomstige Europese normen niets veranderen. Zodoende mag Isofloc volgens de landbouwverordeningen in de meeste gebouwen toegepast worden. Uitzonderingen op de eisen “onbrandbare isolatiematerialen” zijn er voor hogere gebouwen, gebouwen met een bijzonder gebruik en in de utiliteitsbouw.
Door de brandimpregnering blijft de oppervlaktetemperatuur van Isofloc bij brand altijd lager dan 100 C. Deze temperatuur is dusdanig laag dat de bijdrage aan de brand door straling of reflectie verwaarloosbaar is. Bij bevlamming van de beplating tussen het vuur en Isofloc blijft de beplating door de koelende werking van Isofloc langer in tact. Bij gipskartonplaten is dit ca 10 minuten langer dan bij minerale wol (Canada).Door de verbranding ontstaat bij het bevlammen van Isofloc, verkoling aan de oppervlakte, zoals dat gebeurt bij het verbranden van hout.
Het isolatiemateriaal smeult oppervlakkig tot houtas. Deze houtas heeft een zeer hoog smeltpunt, wat het smelten, zelfs bij zeer hoge temperaturen, verhindert. Het oppervlakkig smeulende isolatiemateriaal behoudt bij hoge temperaturen daardoor haar structuur en daarmee ook de isolerende werking. Het smeulproces binnenin het isolatiemateriaal wordt daardoor vertraagd en de brandtijd verkort. Wat echter, zoals bij hout, in geval van brand als voordeel gezien wordt (beschermde werking van de koollaag), betekent voor de brandtesten verstoring. Daarom is de brandklasse van het eigenlijk qua brandgedrag gunstige Isofloc, geen adequate berekening.
Het goede brandgedrag blijkt verder uit de brandbestendigheidsklassen van F30 tot F90 van de testen van Isofloc constructies. De benodigde beplanking voor de overeenkomstige F-klassen is niet duurder dan voor bijvoorbeeld die met onbrandbare glaswol isolatie, omdat die al bij ca. 600°C smelt en de houtconstructie prijsgeeft aan het vuur, terwijl Isofloc niet smelt en afhankelijk van de constructie de F-klasse actief verlengt. Diverse gevallen van brand bewijzen het goede brandgedrag van Isofloc. Enkele daarvan blijken uit een speciale uitgave van de Isoliertechnik 3/98 (natuurlijke bouwmaterialen en brandpreventie, brandgedrag van cellulose overtuigt opdrachtgevers in de bouw, de overheid en de brandweer).
Dit en de uitslagen van de bouwdeeltesten bewijzen ook, dat de fundamentele brandbelasting van Isofloc (vrijgekomen energie door het aandeel cellulose) in de regel geen probleem veroorzaakt!
De brandvertragende werking door het verkolingseffect wordt gezien als zeer belangrijk, zodat na branddemonstraties voor opdrachtgevers in de bouw, overheden en de beroepsbrandweer al vaak een uitzonderingstoestemming verstrekt werd. Met het oog daarop is Isofloc al vaak in bouwplannen opgenomen, waar eigenlijk op basis van de gebouwklasse en -gebruik onbrandbare isolatiematerialen (A-klasse) vereist waren. Zo ook bijvoorbeeld in het Kurhaus Bad Elster waar Isofloc in een later reëel brandgeval aldaar, zijn positieve eigenschappen kon bewijzen, zodat ook het nieuwe dak daarna opnieuw geïsoleerd mocht worden met Isofloc (documentatie in het garantie-artikel) of bijvoorbeeld zoals bij meer dan 15 gezins-rijtjeshuizen in de sociale woningbouw in Rüsselsheim.
Menig brand in nederland heeft al bewezen dat de brand vertraagt, waar Isofloc begint.
Schriftelijke documentatie over dit onderwerp:
- Test van brandklasse B2 voor Isofloc L (T-B-A02)
- Testresultaten van de F-klasse F 30 tot F 90 voor veel bouwdelen
- Speciale uitgave van Isoliertechnik 3/98 (natuurlijke bouwmaterialen en brandpreventie, brandgedrag van cellulose overtuigt opdrachtgevers in de bouw, overheden en brandweer.